Kgalagadi ontstond uit de samenvoeging van een Zuid-Afrikaans en een Botswaans park en is daarmee een van de eerste grensoverschrijdende natuurgebieden van Afrika. Het beslaat een enorm stuk Kalahari, doorsneden door de droge rivierbeddingen van de Auob en de Nossob, waarlangs het meeste wild zich concentreert.
Het is een bestemming voor de fijnproever: rauw, afgelegen en stil, met dramatische landschappen en een intense roofdierdynamiek. Wie al eens op klassieke safari is geweest, vindt hier iets heel anders en bijzonders.
Kgalagadi is beroemd om zijn zwartmaanleeuwen, mannetjes met opvallend donkere manen, en om goede kansen op cheeta, luipaard en bruine hyæna. Langs de rivierbeddingen concentreren zich prooidieren, en dus de roofdieren die op ze jagen.
De randseizoenen maart–mei en september–oktober geven het beste evenwicht tussen dierdichtheid en draaglijke temperaturen. De zomer (november–februari) is extreem heet met dagen ruim boven de 40°C, terwijl winternachten juist ijzig koud kunnen zijn.
Roofdieren zijn rond de waterpoelen langs de rivierbeddingen het hele jaar goed te zien, vooral in de vroege ochtend.
Kom voorbereid op afstand en hitte: voorzieningen zijn beperkt en de tijd tussen waarnemingen kan langer zijn dan in wildrijkere parken, het geduld wordt beloond met bijzondere scènes.
Er zijn comfortabele rustkampen zoals Twee Rivieren, Nossob en Mata-Mata, en een reeks kleine, afgelegen wilderness camps zonder hek. Aan de luxe kant ligt de privélodge !Xaus.
Voorzieningen zijn beperkt en de afstanden groot; kom zelfvoorzienend met voldoende water en brandstof, en boek vooraf.